Algemeen


7 Sep 2013

Zonder vertrouwen ben je niks…




Stralend komt ze binnen. Bijna een uur later dan we hadden afgesproken. ‘Sorry, ik was het vergeten. Ik zat in de kerk’. Ik moet erom lachen. Op maandag moet er ook gebeden worden.
Ik was al bijna weg, maar Gerd, een vrijwilligster bij Stella Maris – het huis van het haven pastoraat in Antwerpen, waar we hadden afgesproken - trakteerde me op een lekkere tas koffie. En Rein, een andere vrijwilliger, vertelde ondertussen over zijn ervaringen met de zeemannen. De café zaal is gezellig bezet met mensen van verre landen, die hier vooral lijken te komen om te kunnen skypen met hun familie overzee. Ik zie niet veel onderling contact. Maar als Vicky binnenzeilt kijken mensen even op van hun laptops. Ze lacht. Ze straalt. Vicky… Ik ken haar al een aantal jaren. En als we elkaar tegenkomen zijn we altijd blij.

Vicky studeert verpleegkunde. Ze moet nog één jaar. En ze zal een heel goeie verpleegster worden, zeker en vast. Het is nu 13 jaar geleden dat ze hier aan kwam, nl in juni 1999. Vol hoop. Ze zou een job krijgen en geld verdienen, dat ze naar haar familie Nigeria zou sturen. Dan zou er voor hen een beter leven mogelijk zijn. En studeren… dat zou ze later ook kunnen doen. Ze zou een job krijgen als kinderoppas, of anders op een boerderij had de man beloofd. “Er kwam een man bij ons. Mijn familie kende hem via mijn zus. Hij beloofde hen dat hij goed voor me zou zorgen. En wij vertrouwden hem. Zonder vertrouwen ben je immers niks. En zo ging ik met hem mee. Om toekomst voor onze familie te vinden. Maar alles wat beloofd was… Ik heb er niks van gezien. Het waren gewoon leugens om mij naar hier te krijgen. Hij schond al meteen ons vertrouwen als familie en mijn vertrouwen als meisje ook: ik ontdekte snel dat hij me naar hier had gebracht om misbruik van mij te maken. Hij pakte mijn paspoort af. En zette mij achter de ramen. Daar.. bij het Falconplein. Ik moest geld verdienen, want die man moest zeker 45.000$ hebben omdat hij mij naar hier had gebracht. Zo zat ik daar. Ik wist nog niet eens wat ik precies moest doen. Ik weende en hield de deur angstvallig dicht als er mannen aanklopten om binnen te mogen komen.

Op een dag was er een Nederlander, die bleef maar aanhouden dat hij binnen wou. Ik zag dat helemaal niet zitten, maar uiteindelijk liet ik hem binnen. Hij vroeg mij mee uit eten. Ik werd al misselijk van het idee alleen. Na aandringen van één van de andere vrouwen heb ik het toch gedaan. Ik zag dat hij me niet direct kwaad wou doen. Het was een vriendelijke man. Hij sprak geen Engels en ik geen Nederlands, dus de communicatie verliep niet gemakkelijk. Hij gaf mij zelfs een GSM cadeau en zei: ‘Als ik straks thuis ben vraag ik mijn zus om je te bellen, dan kunnen we via haar praten’. En zo is het ook gebeurd. Hij vroeg verder niets van me. Hij wilde me echt helpen. Achteraf zeg ik altijd: ‘Ik weet nog steeds niet hoe het precies is gebeurd, niemand kan het verklaren, maar God heeft me gered…’”

Ze vertelt maar door. Over hoe ze zich vrij snel ging inschrijven voor lessen Nederlands. Over hoe hij, ik zal hem Jan noemen, haar steeds dichter op de huid kwam te zitten, zonder zich ooit op te dringen. Over hoe hij al zijn spaargeld betaalde als losprijs voor haar en zelfs nog een lening aan ging om haar helemaal vrij te krijgen. Alles voor haar, zonder iets terug te vragen. Vriendschap, ja, dat wel, maar dat kon ze hem wel van harte geven.

“In 2000 was ik vrij”, zegt Vicky, “en kon ik mijn leven beginnen. Ik heb nooit een liefdesrelatie met Jan gehad, ben wel dikwijls op bezoek geweest en kom heel goed overeen met de familie. Hij was zo lief als God voor mij. Omdat ik zonder papieren zat, bood hij me zelfs aan om met me te trouwen om mij ook nog uit de illegaliteit te bevrijden, maar dat heb ik niet gedaan. Ik ben gelovig opgevoed, en voor mij is een huwelijk echt niet zomaar wat. Maar ook daarin liet hij me vrij. Hij hielp waar hij kon. Dat was het. Mijn papieren zijn uiteindelijk in orde gekomen in juni 2011. Daarna heeft het nog tot augustus 2012 geduurd voordat ik eindelijk mijn begeerde kaart in handen had. Het was afschuwelijk. Gelukkig heeft het PSC (1) mij altijd goed geholpen… maar toch… dat laatste jaar was echt wel moeilijk. Het zat vast op allerlei bureaucratische regeltjes en ik werd constant van het kastje naar de muur gestuurd.

Ik droomde er vroeger als kind van om dokter te worden, maar dat was hier niet meer mogelijk. Mijn Nigeriaanse diploma werd hier niet erkend en daarom ging ik eerst in het tweedekansonderwijs mijn middelbare schooldiploma halen. Ik heb er keihard aan gewerkt. Toen ik dat diploma eindelijk had, kon ik voor verpleegster gaan studeren. En daar ben ik nu bijna mee klaar. Ik hoop dat ik in positieve zin een klein beetje kan bijdragen aan de genezing van de patiënt. Of – als het echt niet anders kan – tenminste aan zijn/haar kwaliteit van leven in de laatste fase van het leven. Het gaat mij om de waardigheid van de patiënten. Ik zie hen in de eerste plaats als mensen en niet als ziekten!

Toen ik uit Nigeria vertrok ging ik weg om mijn familie te steunen, maar eigenlijk hebben zij het best wel goed, daarom wil ik nu hier iets betekenen en mijn steentje bijdragen aan de samenleving. Naast mijn verpleegopleiding en stages doe ik ook vrijwilligerswerk hier bij de zeemannen. En echt, ik doe dat dus niet voor geld. Neen, daar gaat het niet om, ik ben echt blij dat ik op die manier iets mag terugdoen voor wat God mij heeft gegeven. Ik ben vrij! Mijn leven is veel tekort om die vrijheid ooit te kunnen terugbetalen. En ik weet: mensen helpen=jezelf helpen. Zo leef ik. Later wil ik werken voor Artsen zonder Grenzen. Het liefst in Afrika. Hoe meer je geeft, hoe meer je krijgt. Als ik een glimlach kan ontfutselen dan is me dat meer waard dan geld!” Dankbaar voor haar mooie getuigenis, glimlach ik. Dank je, Vicky… zonder vertrouwen ben je niks. Ik fiets fluitend naar huis.

Ina Koeman, september 2012

Dit interview werd eerder opgenomen in het boek, dat werd geschreven mmv talloze auteurs omdat “De Loodsen” (RK solidariteitspastoraal) in Antwerpen en “Tochten van Hoop” in Brussel resp hun twintigste en tiende verjaardag vierden: Ik had honger.

Het boek werd uitgegeven bij Halewijn, 2013. Het is te koop voor 17€ via de stadspredikant Ina Koeman (inakoeman@hotmail.com) of via De Loodsen (info@deloodsen.be)