presentie


wat is dat eigenlijk?



Het PSC is sinds zijn ontstaan bezig met present-zijn.

Present in de wijk, op plaatsen waar mensen te vinden zijn, die in de rafelrand van de samenleving overleven. In 2000 werd deze manier van werken beschreven in een dik boek: ‘Theorie van de presentie’. Prof. dr. A.J. (Andries) Baart (1952) beschreef de presentiemethodiek op basis van onderzoek naar de werkwijze van het wijkpastoraat in Utrecht. Het PSCteam herkende zich in dit boek en heeft sindsdien nog meer dan vroeger deze manier van werken uitgedragen. De presentiemethodiek richt zich op mensen die zich door de samenleving aan de kant gezet voelen en vaak slechte ervaringen hebben met de reguliere hulpverlening.
Kernbegrippen in de methodiek zijn: er onvoorwaardelijk zijn voor de ander, de relatie staat centraal, niet de problemen willen oplossen maar er zijn als de persoon daarin zelf stappen durft zetten, gelijkwaardigheid, wederkerigheid, liefdevolle trouw, tijdens het contact in het hier en nu zijn. De belangrijkste uitdaging is je in te leven in de leefwereld van de mensen in de rafelrand en die zo stukje bij beetje te leren kennen. Als dat gebeurt, dan ga je anders denken, voelen, kennen… en dat is soms een hele klus: je kijkt naar de wereld vanuit hun perspectief. Dat botst soms.
Om het nog eens op een andere manier te zeggen: ‘Presentie is een manier van zorg geven die dikwijls sterk afwijkt van wat normaal is in de hoofdstroom van het reguliere werk: De hulpvrager hoeft niet door wachtlijsten, intakes en aanmeldingsprocedures heen te zoeken in de zorgbureaucratie, want de presentiebeoefenaar komt naar je toe, is in jouw (leef) wereld te vinden, sluit radicaal aan en je kunt hem of haar zo nodig van straat of van de gang plukken en binnen vragen. De presentiebeoefenaar beweegt met je mee: waar jij moet gaan, daar gaat de presentiebeoefenaar, net zo snel of traag, solidair, nabij, aanspreekbaar.’


In het presentiewerk is de aandachtige relatie het belangrijkste. Daar ben je naar op zoek, daar werk je aan… liefst niet alleen maar samen met anderen (vrijwilligersteam, onthaalteam etc…) Als team/groep wil je het uithouden met en bij mensen, ook als ze “zo gek zijn als een deur”. Om de leefwereld te leren kennen ga je exposuren…
Exposure betekent: het zich blootstellen aan, zich onderdompelen in de leefwereld van de ander. De presentiebeoefenaar leert de leefwereld en de werkelijkheid van de ander kennen op een heel diepgaande manier. Zo leert hij die werkelijkheid zoals die voor de ander is te zien, er iets van te verstaan en vanuit die werkelijkheid te handelen. Die kennismaking gebeurt in de eerste plaats met je zintuigen. Je gaat als het ware binnen in de ruimte van de ander, niet hard of agressief, maar zachtjes en aandachtig, in deze ruimte wil je zien, horen, tasten, ruiken en proeven hoe het is om daarin te bewegen. Je staat erbij stil wat zo’n ervaring met jou doet. Betrokken op de ander, de buurt, de groep, aandachtig en open…
“Exposure” verloopt via een aantal fasen en er zijn verschillende graden van betrokkenheid. Degene die aan “exposure” doet, leert de realiteit van de ander kennen en kan zo de stereotype beelden en gedachten loslaten. De (voor)oordelen worden opgeschort. En dan verandert ook je wereld “vanbinnen”. Je gaat nadenken over jezelf, over je ideeën, normen en waarden en over het waarom van bepaalde dingen. “Exposure” doet je naar binnen kijken, waardoor je door een andere bril naar de leefwereld leert kijken. Een perspectiefwisseling is daardoor mogelijk. Binnen presentie is deze perspectiefwisseling een noodzaak en een gevolg tegelijk, omdat je dan als presentiebeoefenaar pas echt de ander kan tegemoet treden. Respectvol en open.


Natuurlijk is het voor ons als presentiewerkers heel belangrijk om te blijven inzien dat je zelf niet in die wereld van de ander leeft, dat het toch een andere leefwereld blijft. Een presentiewerker kan zo nauw mogelijk aansluiten bij de ander. De “exposure” is belangrijk voor ieder die presentiewerker wil zijn en het blijft een levenslange opdracht. Het is nooit af. Je weet het nooit. Je blijft oefenen en je laat je telkens opnieuw bevragen door de buurt, de groep, het gezin… Dat bevragen zet je aan het denken, je voert je eigen strijd met alles wat je in jezelf moet overwinnen, wat je moet herkennen om langzaam maar zeker de leefwereld van de ander zo goed mogelijk te leren kennen.


Doelen en waarden van de presentie

Presentie is er niet op uit om alles direct te kunnen oplossen, vaak zijn er geen oplossingen voor de verknipte levens van mensen. Waar het om gaat is het opdelven van de menselijke waardigheid, het opgraven van de goede krachten in elke mens, het helpen doorbreken van het kwaad in al zijn gestalten, zoals het onrecht en het noodlot (denk aan generatiearmen), angst, vijandschap, vijandsbeelden en eenzaamheid (vaak is dit alles naar binnen geslagen in gevoelens van onmacht, waardeloosheid en sociale overbodigheid). Verder gaat het om het aanwakkeren van processen waarin de persoonlijke en maatschappelijke groei centraal staat èn het voorkomen van processen waarin maatschappelijke uitsluiting en de “neerwaartse spiraal” mensen klein maken.
Gemeenschapsvorming en netwerking zijn belangrijke processen om mensen minder eenzaam te laten zijn, daarbij is het samen zoeken naar zingevingskaders onlosmakelijk verbonden. Tenslotte is de toeleiding naar maatschappelijke hulpbronnen, rechten en mogelijkheden een belangrijke opdracht voor de presentiewerker.

Vereisten

Om als vrijwilliger of als betaalde kracht in het presentiewerk te gedijen zijn er wel enkele competenties waaraan de presentiebeoefenaar moet voldoen. Er moet een zekere onbevangenheid, nieuwsgierigheid en openheid zijn. Ook moet de werker weerbaar zijn tegen gevoelens van frustratie en onmacht. Geduld, respect en “procesgerichtheid” zijn van groot belang. Een zekere deskundigheid op het gebied van zelfkennis, inzicht in emoties (van zichzelf en van anderen) en verstaan wat “leven in de rafelrand” doet met een mens is een voorwaarde. Bovendien moet je om kunnen gaan met lichamelijkheid. Kennis opdoen in hulpverleningsprocessen en van een sociale kaart is een goede investering. En tenslotte behoort het ontwikkelen van zijn/haar spiritualiteit en deze integreren in het werk tot de opdracht. Het is dus geen wonder dat vorming en intervisie voor de vrijwilligers en de werkers van het grootste belang zijn. Aan de organisatie worden ook vereisten gesteld (institutionele randvoorwaarden): er moet ruimte zijn voor “ongehaast” werken in een openeind-perspectief (je weet niet waar het op uit loopt). De werker moet zoveel mogelijk vrij zijn van eisen omtrent “standaard resultaten” en er moet ruimte gemaakt worden om in eigen termen te reflecteren, ipv in de termen van subsidiegevers en welzijnsdirecties of kerkbazen (vakjargon). Ook mogelijkheden om buiten de eigen organisatie werk uit- en op te bouwen en experimenteren moeten gegarandeerd zijn.

Dat probeert het PSC-Antwerpen te doen, te zijn… Met vallen en opstaan gebeurt er veel van wat presentie is… Dat bewaren voor de toekomst is een grote opdracht voor het bestuur en de stadspredikant. (bron: www.presentie.nl ,www.deloodsen.be & studiemateriaal IK)

(uit:  WERKVERSLAG COMMISSIE STADSPREDIKANT)
Het verslag is in PDF vorm beschikbaar via bovenstaande link.